Help
Begrippen bij automatisch rijden
Automatisch rijden is geen enkele schakelaar. RailKernel combineert een bekende treinpositie, betrouwbare terugmeldingen, beveiligde blokken, correct gestelde accessoires en een veilige route tot één voortdurend bewaakte beweging.
Handmatig, ondersteund en automatisch rijden
Bij handmatig rijden regel je zelf snelheid en richting. Ondersteund bedrijf kan informatie en veiligheidscontroles van RailKernel gebruiken terwijl jij de bediening houdt. Bij automatisch rijden plant RailKernel de beweging, reserveert het benodigde spoor, stelt accessoires en bestuurt de trein. Je kunt het bedrijf altijd volgen en zo nodig ingrijpen.
Locomotieven en treinen
Een locomotief levert adres, decoderfuncties en gekalibreerd rijgedrag. Een trein voegt de volledige fysieke lengte en operationele identiteit toe. RailKernel bestuurt een trein en niet slechts een decoderadres, omdat remmen, blokcapaciteit en veilige vrije ruimte van de volledige samenstelling afhangen.
Blokken en terugmeldcontacten
Blokken verdelen de spoorbaan in delen die bezet en beveiligd kunnen worden. Terugmeldcontacten vertellen RailKernel waar een trein werkelijk is aangekomen of vertrokken. Een blok kan meerdere terugmeldsecties bevatten, maar bezetting is alleen betekenisvol wanneer adressen, posities en richting binnen het blok juist zijn.
Reserveringen en de rijcorridor
Voordat een trein mag doorrijden, reserveert RailKernel een corridor vóór de trein. Deze bevat de benodigde blokken, de accessoires ertussen en tussenliggende rails zonder terugmelding. Een reservering voorkomt dat een andere automatische beweging dezelfde infrastructuur claimt. Terwijl de trein verder rijdt, kunnen vrijgekomen delen worden vrijgegeven en nieuwe delen worden gereserveerd.
Routes en vrije bewegingen
Een route is een herbruikbaar, geordend pad door blokken en accessoires. Bij een vrije beweging doorzoekt RailKernel de graaf van het baanplan naar een geschikt pad naar de bestemming. De zoekfunctie kan rekening houden met blokrichting, bezette blokken, afstand en het aantal accessoires. Bekijk altijd de routepreview voordat je een onbekende beweging opslaat of start.
Wissels en accessoires
Iedere wissel en ieder ander relevant accessoire in de corridor moet worden gereserveerd en in de vereiste stand staan voordat de trein het bereikt. De logische stand in RailKernel moet overeenkomen met het fysieke apparaat. Een accessoire dat niet schakelt kan een verder juiste route ongeldig maken; repareer daarom terugkerende hardwarestoringen en markeer onbetrouwbare apparaten.
Snelheid, remmen en wachttijd
RailKernel gebruikt locomotiefkalibratie, treineigenschappen, bloklengtes, terugmeldposities en snelheidslimieten om de beweging te regelen. Het remmen begint tijdig om de gewenste doelsnelheid of stoppositie te bereiken. Een wachttijd houdt een trein gedurende een geplande periode in een blok voordat automatisch rijden doorgaat.
Veiligheid, conflicten en Noodstop
Een trein mag alleen rijden als de benodigde corridor beschikbaar en consistent is. Conflicterende reserveringen, onverwachte terugmeldingen, falende accessoires of positieverlies kunnen het bedrijf stoppen of pauzeren. Noodstop schakelt de tractiestroom uit zo snel als de aangesloten centrales dat toelaten. Bepaal de oorzaak en controleer de fysieke situatie voordat je de baan weer vrijgeeft.
Een automatische rit starten
Plaats de trein in zijn werkelijke startblok, controleer de richting en bevestig dat lengte en locomotief kloppen. Kies of genereer een route, bekijk de preview en controleer of de bestemming geschikt is. Begin met één betrouwbare trein op bescheiden snelheid voordat je gelijktijdige bewegingen toevoegt.
Bewaken en ingrijpen
De Treinmonitor toont de huidige beweging, reserveringen en pauzes. De Terugmeldmonitor en Accessoiremonitor tonen de infrastructuurstanden waarop beslissingen zijn gebaseerd, terwijl het Rijlogboek de operationele volgorde uitlegt. Stop veilig en onderzoek deze vensters voordat je het project wijzigt als een trein zich onverwacht gedraagt.