Help

Decoderprogrammering

RailKernel leest decoderinformatie in de context van de locomotief die al in je project bestaat. DCC-CV-programmering en mfx-inspectie blijven daardoor gekoppeld aan de locomotief, haar centrale en alle relaties in het project.

Decoderconfiguratie openen

Open Locomotiefmanager, bewerk de locomotief en kies Decoderconfiguratie. RailKernel gebruikt de toegewezen centrale en het protocol van de locomotief om het juiste DCC- of mfx-scherm te openen. Decodertoegang is alleen beschikbaar wanneer de geselecteerde verbonden centrale de gevraagde bewerking ondersteunt.

Een volledig uitgelezen DCC-decoder

Voor een herkende decoderfamilie toont RailKernel de gedocumenteerde CV’s met hun betekenis, decimale, hexadecimale en binaire waarde en leesstatus. Bitvelden zoals CV29 worden uitgewerkt, zodat richting, rijstappen, analoogbedrijf en adresmodus begrijpelijk zijn zonder zelf een byte te ontcijferen. Geselecteerde CV lezen leest één waarde; de volledige scan leest alle automatisch leesbare gedocumenteerde CV’s en rapporteert niet-beschikbare waarden zonder gegevens te verzinnen.

RailKernel Decoder Configuration na een volledige scan van de DCC-CV’s
Een voltooide DCC-scan combineert ruwe CV-waarden met documentatie van de decoderfamilie en werkt gedocumenteerde bitvelden uit.

CV’s lezen en schrijven

Actuele waarden kunnen tegelijk decimaal, hexadecimaal en binair worden weergegeven. Voer je een nieuwe waarde in een van die notaties in, dan werkt RailKernel de andere notaties bij voordat er wordt geschreven. Decoder-CV’s bepalen rechtstreeks het gedrag van de fysieke decoder. Daarom houdt RailKernel lezen, interpretatie en schrijven zichtbaar in plaats van dit achter een algemene instelling te verbergen.

  • Lees de actuele waarde voordat je haar wijzigt.
  • Schrijf alleen gedocumenteerde waarden waarvan je het effect begrijpt.
  • Gebruik een schoon programmeerspoor en verwijder andere locomotieven daarvan.
  • Lees de waarde na het schrijven terug en test de locomotief voordat zij weer automatisch gaat rijden.

Een DCC-adres veilig wijzigen

Gebruik Adres wijzigen in plaats van CV1, CV17, CV18 en CV29 afzonderlijk te bewerken. De begeleide bewerking leest eerst de werkelijke adresmodus en het actuele adres uit de decoder. Daarna kies je een kort adres van 1–127 of een lang adres van 128–10239. RailKernel berekent de benodigde waarden, wijzigt de CV’s in een veilige volgorde en leest iedere stap terug via het adres dat op dat moment actief hoort te zijn.

  1. RailKernel leest CV29 en de relevante korte of lange adres-CV’s uit de decoder.
  2. Je kiest het doeltype en voert het nieuwe adres in.
  3. De bevestiging toont de overgang Kort → Kort, Kort → Lang, Lang → Kort of Lang → Lang en welke CV’s veranderen.
  4. RailKernel schrijft en verifieert iedere stap. Bij Lang → Lang wordt tijdelijk een gecontroleerd kort adres gebruikt, zodat de decoder bereikbaar blijft terwijl CV17 en CV18 worden vervangen.
  5. Pas na een geslaagde teruglezing werkt RailKernel de bestaande locomotiefdefinitie bij naar het nieuwe actieve adres.

Wanneer een schrijfbevestiging verloren gaat doordat de decoder onmiddellijk van adres wisselt, controleert RailKernel het resultaat op zowel het oude als het verwachte nieuwe adres. Mislukt een latere stap, dan meldt het venster op welk adres de decoder voor het laatst aantoonbaar bereikbaar was en bewaart RailKernel dat adres.

Een mfx-decoder uitlezen

Voor mfx-locomotieven opent RailKernel een specifiek mfx-overzicht. Het toont mfx-adres en UID en groepeert de door de decoder aangekondigde parameterblokken in rootinformatie, opdrachten, ingangen, functietoewijzing, motor, uitgangen, geluid en formaten. Naast geïnterpreteerde waarden blijven de ruwe bytes zichtbaar. Voor gericht onderzoek kan ook één parameter afzonderlijk worden gelezen. Anders dan een DCC-adres is de wereldwijd unieke mfx-UID de stabiele decoderidentiteit en hoeft die normaal niet handmatig te worden geprogrammeerd.

RailKernel mfx Decoder Overview na het uitlezen van alle aangekondigde decoderblokken
Het mfx-overzicht behoudt de structuur en ruwe bytes van de decoder en toont bekende blokken en attributen in leesbare groepen.

Wanneer een uitlezing een time-out geeft

Dat een locomotief in de CS3-lijst staat, bewijst niet dat de decoder nu antwoordt; de centrale kan opgeslagen registratiegegevens tonen. Test bij een mfx- of DCC-time-out eerst dezelfde uitlezing op de centrale.

  • Controleer baanspanning, wielcontact en of de locomotief op het spoor van de geselecteerde centrale staat.
  • Sluit een decodereditor die al op de centrale geopend is.
  • Controleer of de locomotief kan rijden of een functie kan bedienen voordat je de decoder uitleest.
  • Geeft de centrale eveneens een time-out, herstart dan eerst de decodersessie of de centrale voordat je iets in RailKernel wijzigt.